Een demissionair kabinet zorgt meestal niet voor grote verrassingen op Prinsjesdag. Toch zijn er dit jaar genoeg plannen gepresenteerd die direct invloed hebben op je financiƫn. Sommige maatregelen pakken gunstig uit, andere kunnen juist extra kosten met zich meebrengen. Hieronder vind je de belangrijkste veranderingen op het gebied van wonen, zorg en belastingen.

1. Wonen & Hypotheek

Overdrachtsbelasting aangepast

Vanaf 1 januari 2026 komt er ƩƩn algemeen tarief van 8% overdrachtsbelasting voor woningen die nƭet je hoofdverblijf worden, zoals een vakantiehuis of investeringspanden. Voor huizen waarin je zelf langdurig gaat wonen, blijft het lage tarief van 2% gelden. Starters kunnen bovendien nog steeds gebruikmaken van de vrijstelling.

Startersvrijstelling verruimd

De grens om in aanmerking te komen voor die vrijstelling gaat omhoog. In 2025 ligt die nog rond de € 525.000, maar in 2026 wordt dit verhoogd naar ongeveer € 555.000. Starters krijgen daarmee wat meer ruimte op de oververhitte woningmarkt.

Huurtoeslag verruimd

Vanaf 2026 vervalt de maximumhuurgrens voor de huurtoeslag. Daardoor kunnen meer huurders een toeslag krijgen. Ook verandert de leeftijdsgrens. Jongeren hebben vanaf hun 21e recht op volledige huurtoeslag, waar dat nu pas vanaf 23 jaar is.

Eigenwoningforfait

Het eigenwoningforfait voor huizen met een WOZ-waarde tot € 1.340.000 blijft onveranderd op 0,35%.

Verwachte stijging WOZ-waarde

De gemiddelde WOZ-waarde van woningen wordt in 2026 fors hoger. De verwachting is een stijging van 9,5% tot 11,5%.

2. Zorgverzekering

Meevaller premie basiszorgverzekering

Eerder ging het ministerie uit van een zorgpremie van gemiddeld € 159 in 2026. Dit zou een lichte verhoging betekenen ten opzichte van het huidige gemiddelde (€ 157). Op Prinsjesdag wordt de verwachting voor volgend naar beneden bijgesteld. Mogelijk gaat de gemiddelde premie zelfs omlaag, al worden in de Miljoenennota geen concrete cijfers genoemd. Sowieso zijn het de zorgverzekeraars zelf die uiteindelijk zelf de premies bepalen. Zekerheid krijgen we dus pas later dit jaar.

Eigen risico blijft gelijk

Het verplichte eigen risico blijft ook in 2026 € 385. Er zijn plannen om dit vanaf 2027 te verlagen naar € 165, maar het is nog onzeker of dat daadwerkelijk doorgaat.

3. Fiscale besluiten

Box 3: belasting over vermogen

In 2026 verandert de belasting op vermogen opnieuw. De vrijstelling gaat omlaag naar ongeveer € 51.000 per persoon. Tegelijk stijgt het forfaitaire rendement voor beleggingen en vastgoed naar ruim 7,5%. Dat betekent: wie vooral spaart, betaalt minder belasting, terwijl beleggers en eigenaren van tweede huizen meer gaan bijdragen.

Vanaf 2028 moet dit systeem helemaal anders worden. Dan gaat box 3 uit van het werkelijke rendement. Je betaalt vanaf dat moment belasting over wat je Ʃcht hebt verdiend met spaargeld of beleggingen.

Accijnskorting aan de pomp

Goed nieuws voor automobilisten. De tijdelijke korting op benzine, diesel en LPG blijft voorlopig bestaan. Dit geeft voorlopig ruimte in het budget van de autokosten.

BTW en cultuur

De eerder geplande btw-verhoging voor cultuur, sport en media (van 9% naar 21%) gaat niet door. Het tarief blijft 9%.

BTW op vakanties omhoog

Wie op vakantie gaat in eigen land, krijgt wƩl te maken met hogere kosten. Voor kort verblijf in hotels, pensions en vakantieparken stijgt het btw-tarief vanaf 1 januari 2026 van 9% naar 21%.

4. Algemeen beleid

Stikstofaanpak krijgt miljarden

Er wordt 2,6 miljard euro extra uitgetrokken voor het stikstofdossier. Dit geld gaat naar innovatie, natuurherstel, vrijwillige uitkoopregelingen en gebiedsgerichte maatregelen.

30%-regeling expats versoberd

Buitenlandse werknemers die gebruikmaken van de 30%-regeling kunnen straks minder belastingvrij inkomen ontvangen. Het percentage gaat stapsgewijs omlaag naar zo’n 27%, waardoor expats over een groter deel van hun inkomen belasting betalen.

Geen goedkope rode diesel

De wens om rode diesel (goedkopere brandstof voor de landbouw) opnieuw in te voeren, is van tafel.

Het is nog de vraag in hoeverre alle plannen daadwerkelijk in de praktijk gebracht worden. Wat dat betreft is het wachten op een nieuw kabinet. We kunnen in ieder geval afsluiten met een positieve boodschap. Volgens de huidige berekeningen gaan Nederlanders er volgend jaar gemiddeld 1,3% procent in koopkracht op vooruit.